Dankzij een stijging van het aantal bezoekers met 7 procent, blikt de organisatie van de vakbeurs voor industriële toelevering Midest tevreden terug op de editie van twee weken geleden. Liefst 42.101 vakbezoekers uit alle industriële sectoren kwamen naar Parijs.
Parijs; wie is er niet gek op? Stad van Arc de Triomphe, de Eiffeltoren, het Louvre en Midest. Wie? Midest: de internationale vakbeurs voor industriële toelevering met ruim 1.700 exposanten uit 46 landen. Met 56 deelnemers was ons land goed vertegenwoordigd op de beursvloer, evenals Duitsland (21), Italië (95), Spanje (85), Polen (34), Portugal (55) en zelfs Bulgarije (23), Roemenië (28) en Turkije (33). De Nederlandse deelname bleef steken op een schamele vijf exposanten (tegenover zes deelnemers in 2012).
Beursmanager Sylvie Fourn van Midest-organisator Reed Expositions: ‘Als toeleverancie
r kom je niet zomaar bij Franse bedrijven binnen. De Franse beslisser kan lastig zijn voor een potentiële toeleverancier. En daar stuit je op een zakelijk cultuurverschil. Als ik één advies mag geven: neem de tijd! Investeer echt in je relatie en geef dit de tijd als je zaken wilt gaan doen met Franse OEM’ers. In Frankrijk kan een harde handelsmentaliteit heersen.’
Volgens Fourn schudt de Franse industrie steeds meer het zakelijk chauvinisme van zich af. Er wordt vaker én beter Engels gesproken en de blik is meer naar buiten gericht; winst is te halen in export. Dat is ook een belangrijke focus tijdens deze editie van Midest. De beursmanager ziet daarom een belangrijke rol weggelegd voor Europese brancheorganisaties. ‘Er is nationale support nodig om de Franse markt te benaderen, bijvoorbeeld van de Koninklijke Metaalunie en Agoria. Bedrijven individueel over de streep trekken om aan Midest mee te doen is moeilijk.’
Dal
De Franse industrie gaat door een flink dal. Toch lijkt er licht aan het eind van de tunnel, vertelt Daniel Coué, een voormalig journalist die tegenwoordig als economisch consultant de Midest-beursorganisatie bijstaat. ‘We zien gelukkig dat de industriële productie in ons land weer stijgt. Dat is een belangrijke graadmeter. Ondanks het feit dat de positie van de industrie nog problematisch is en er een negatieve stemming heerst, laten markten als de luchtvaart, de automobiel en nucleair & energie positieve ontwikkelingen zien.’ Die succesvolle bedrijven brengt Midest bijeen, vertelt Fourn trots. Met recht, want Reed Exposi-tions pareert de terugloop in Franse exposanten, als gevolg van de moeizaam presterende industrie, met een toename van 10 procent in het aantal buitenlandse deelnemers tot zevenhonderd.
Productiepotentieel
De Franse industrie is echter nog lang niet genezen. Hoewel Fourn benadrukt geen politiek te bedrijven, zou de patiënt volgens haar flink opkikkeren van het opnieuw lanceren van landelijk industriebeleid en het verminderen van de belastingen op bedrijven. ‘De hogere belastingen hinderen onze industriële bedrijven om concurrerend te zijn. Daarnaast is ons industriebeleid niet up-to-date.’ Volgens consultant Coué betaalt de industrie een hoge prijs voor het beleid dat financiële dienstverlening een speerpunt moest zijn in de Franse economie: ‘Die fouten zijn eerder gemaakt, maar we ervaren nu de gevolgen. Ons industrie-beleid heeft niet de ontwikkelingen gevolgd als in de landen om ons heen, met name Duitsland. Het is zaak dat het productielevel in onze industrie snel omhoog gaat. We gebruiken momenteel maar 60 procent van onze productiecapaciteit.’
Zuid-Afrika
Het internationale karakter van Midest drukt zich tevens uit in het eerste niet-Europese partnerland tijdens de afgelopen editie: Zuid-Afrika. Neels van Niekerk is ceo van ISF (International Steel Fabricators of South-Africa): ‘We staan hier in totaal, organisaties én bedrijven, met 21 exposanten uit Zuid-Afrika. Mijn club, ISF, vertegenwoordigt in ons land ruim achthonderd staalconstructiebedrijven. We zijn hier dus goed vertegewoordigd. Dit soort partnerships brengt ons meer aandacht. Uiteindelijk hangt het af van de input van bedrijven zelf wat ze uit deze beurs halen, dat is later meetbaar. We doen erg goede contacten op en zijn tevreden met deze Midest.’
Midest 2013: de cijfers
Ondanks het over het algemeen sombere economische klimaat, de weersomstandigheden in het oosten- en midden van Frankrijk en enige verkeersblokkades door stakingen rondom Parijs, was de
Midest, van 19 tot en met 22 november in Parijs, een succes. Niet alleen waren het aantal exposanten en de beursoppervlakte stabiel ten opzichte van de editie van vorig jaar met 1.702 bedrijven afkomstig uit 38 landen, maar steeg het aantal bezoekers zelfs met 7 procent tot 42.101 vakbezoekers vanuit alle industriële sectoren. Vijftien procent kwam uit het buitenland; 85 verschillende landen. De top vijf bestond uit België, Italië, Spanje, Duitsland en Zwitserland.
Het bezoekersaantal kende niet alleen een significante toename, maar was ook van zeer hoog niveau, met een groot aantal concrete aanbestedingsprojecten. Een aantal hoogtepunten van de beurs, zoals de focus op de sector energie, het eregastland Zuid-Afrika, speciale aandacht voor Algerije en de promotie van beroepen in de mechanische industrie bij meisjes, hebben een groot publiek bereikt. Onder het juk van een crisis die niet lijkt op te houden, getuigt de goede vorm van een evenement als Midest zowel van verbetering van de industriële productie als van de dynamiek van onderaannemers.
De Midest 2013 bracht 1.702 toeleveranciers uit 38 landen samen. De Franse outsourcing blijft het belangrijkste aanbod op de beurs met 60 procent van de exposanten (1.023 bedrijven), hoewel dit aantal met 5 procent daalde ten opzichte van vorig jaar. Echter, dit werd gecompenseerd door een sterke groei van de buitenlandse vertegenwoordiging. Dit versterkte de internationale reputatie en de rol van de beurs, waarin de organisatoren de afgelopen jaren veel hebben geïnvesteerd. Zo hebben de buitenlandse partners van de Midest 679 bedrijven samengebracht (een stijging van 11 procent) afkomstig uit 37 landen, waarvan een twintigtal via officiële collectieve paviljoens.


